Click here for the English
version

Kokosvet: een van de
best denkbare vetten…
Kokosvet en
gezondheid algemeen
Kokosvet of kokosolie bestaat voor
meer dan drie kwart uit verzadigde vetzuren, en voornamelijk
in de vorm van laurinezuur (vetzuur met 12 C-atomen). Een wijdverbreide
"waarheid" is dat verzadigde vetten het cholesterol verhogen
en "dus" hart- en vaatziekten zouden doen ontstaan. Is dit
wel zo? De in de internationale wereld van het vetonderzoek
bekende onderzoekster Mary Enig heeft hierover het volgende
te zeggen:
"Recently,
an editorial by Harvard's Walter Willett, M.D.
in the American Journal of Public Health (1990)
acknowledged that even though
"the
focus of dietary recommendations is usually
a reduction of saturated fat intake, no
relation between saturated fat intake and
risk of CHD was observed in the most
informative prospective study to date."
(Vert.: "dieetadviezen
zijn meestal gericht op het verminderen van de
verzadigd vet inname, terwijl uit de meest
informatieve studies tot vandaag de dag geen
enkele relatie tussen verzadigd vetinname en het
risico op coronaire hartziekten is waargenomen"
Another
editorial, this time by Framingham's William P.
Castelli in the Archives of Internal Medicine
(1992), declared for the record that
"...in
Framingham, Mass, the more saturated fat one
ate, the more cholesterol one ate, the more
calories one ate, the lower the person's
serum cholesterol... the opposite of what
the equations provided by Hegsted et al
(1965) and Keys et al (1957) would predict..."
(Vert.:"...in
Framingham, Massachusetts, des te meer verzadigd
vet men at, des te meer cholesterol men at, en
des te meer calorieën men at, des te lager het
bloedcholesterolgehalte van die persoon...het
tegendeel van wat de vergelijkingen gegeven door
Hegsted et al (1965) en Keys et al (1957) zouden
voorspellen..."
Castelli
further admitted that
"...In
Framingham, for example, we found that the
people who ate the most cholesterol, ate the
most saturated fat, ate the most calories,
weighed the least, and were the most
physically active." "
(Vert.:"...in
Framingham, bijvoorbeeld, vonden we dat mensen
die het meeste cholesterol, verzadigd vet en
calorieën innamen het minst wogen en het meest
lichamelijk actief waren.")
|
(zie
http://www.westonaprice.org/knowyourfats/coconut_oil.html
)Wacht even hoor: dus
hoe méér verzadigde vetten, cholesterol én calorieën men in Framingham at, des te lager het serumcholesterol? En
diezelfde mensen waren dus klaarblijkelijk het meest
actief en wogen het minst? Maar staat dat niet haaks op
de algemeen aanvaarde waarheid over verzadigde vetten?
Namelijk, "verhoogt je LDL" en "slecht voor je hart"?
De
Framingham Studie die in deze tekst wordt genoemd, is
nog steeds hét uitgangspunt van de medische wereld om
het risico op hart- en vaatziekten te beoordelen en in te
schatten. Deze studie begon in 1948 en William Castelli,
de man die wordt genoemd in het stukje van Enig, was
betrokken bij de studie sinds 1965 en was hoofd
van de studie sinds 1979. Hij dirigeerde de studie meer
dan 26 jaar tot hij in 1995 stopte.
Dus even een
aantal zaken op een rijtje:
-
Walter Willett,
houder van een eredoctoraat aan de
universiteit van Wageningen
en een van 's werelds meest invloedrijke
voedingsepidemiologen zegt dat zelfs de meest
informatieve studie tot vandaag de dag geen verband
kan aantonen tussen de verzadigd vetinname en
coronaire hartziekten;
-
William Castelli,
het hoofd van de Framinghamstudie die de basis
vormt van waar medici en officiële instanties nog
steeds van uit gaan, zegt dat personen die de
meeste calorieën + verzadigde vetten + cholesterol
innemen het minst wegen EN het laagste
cholesterolgehalte hebben EN het meest lichamelijk
actief zijn.
Onder iedere nieuwsbrief
staat een uitschrijflink en u verplicht u met inschrijven tot niets.
HealthFoods NL respecteert uw privacy en uw emailadres wordt daarom nooit
aan derden vrijgegeven.
|
Recenter onderzoek...
Mensink en de zijnen (Mensink
et al, American Journal of Clinical Nutrition 2003)
screenden een stapel onderzoeken, die aan een aantal strenge
criteria onderworpen werden en gooiden de resultaten op een
hoopje. In wetenschappelijke termen heet zo'n onderzoek een
meta-analyse. In het kort zet ik de in dit kader
belangrijkste uitkomsten voor u op een rijtje:
en:
-
“Lauric acid has the largest
cholesterol-raising effect of all fatty acids, but
much of this is due to HDL cholesterol. As a result,
lauric acid had a more favorable effect on total:
HDL cholesterol than any other fatty acid, either
saturated or unsaturated”
Vertaling van laatste
punt:
"Laurinezuur heeft het
grootste cholesterolverhogende effect van alle vetzuren,
maar veel hiervan komt door HDL-cholesterol. Daarom
heeft laurinezuur een gunstiger effect op de
totaal:HDL-ratio dan enig ander vetzuur, verzadigd of
onverzadigd."
U moet weten dat dit laurinezuur voor meer dan 50%
aanwezig in kokosolie.
In onderstaand plaatje
is het effect van laurinezuur op de
cholesterol-staat-tot-HDL-ratio nog eens duidelijk
gemaakt (afkomstig
uit
Mensink et al, AJCN 2003):
AIDS, virussen en
bacteriën
Hoe zit het
met de
virusinfectie in HIV-AIDS-patiënten?
“De eerste onderzoeken hebben bevestigd dat kokosolie een antiviraal effect
heeft en dat het het virusgetal in HIV-patiënten kan reduceren”
Van alle vetzuren die in kokosolie zitten, heeft laurinezuur (C-12)
het meest voordelige effect.
Monolaurine,
waarvan laurinezuur (C-12) de uitgangsstof is, verstoort de lipidemembranen van
envelopvirussen (zoals
coronavirus,
westnijlvirus,
HIV (zie plaatje),
adenovirus) en inactiveert ook
bacteriën,
schimmels en
fungi. ”Van de
verzadigde vetten heeft laurinezuur een grotere antivirale activiteit dan zowel caprylzuur (C-10) als myristinezuur (C-14). De werking van
monolaurine is dat
het de lipiden in de envelop van het virus oplost, wat de afbraak van de
virusenvelop veroorzaakt. Verder heeft
monolaurine een destructief effect op virussen als herpes,
cytomegalovirus,
griep, meerdere pathogene bacteriën zoals
Listeria monocytogenes en
Helicobacter
pylori en protozoën zoals Giardia lamblia.
Infectie met Helicobacter pylori
geeft een 3 keer verhoogd risico op maagkanker.
HIV
Er zijn talloze
gevallen bekend van AIDS- of HIV-patiënten in wier bloed geen HIV-virussen meer
konden worden aangetoond na consumptie van kokosolie of kokosproducten en wier
gezondheidsniveau bijzonder goed herstelde. (zie o.a. het artikel van Dayrit uit
2002: Coconut oil in health and disease: its and
monolaurin's potential as cure for HIV/ AIDS bij
bronnen)
Kokosvet cq. kokosolie kan in het
begin beter met mate worden gebruikt door mensen met schimmelinfecties, omdat de reactie met
bijvoorbeeld Candida albicans heftig kan verlopen. Het is dus handig van uzelf
te weten of u een dergelijke schimmelinfectie heeft!
Kokosolie
en kwaliteit
Wat wel van belang is voor
de optimale benutting van alle eigenschappen van ene goede
kokosolie, is de kwaliteit. Het beste neemt u een
koudgeperste olie, liefst een biologische en ook liefst
ongedeodoriseerde versie. Immers, des te meer
raffinagebewerkingen de olie ondergaat (ontgeuring,
warmtebehandeling) des te meer verlies aan voedingsstoffen
er optreden, en dat is iets dat je graag wilt vermijden, als
je de volle 100% van een product wilt.
Kokosvet en
afvallen
Kokosvet is een
hele goede optie als het gaat om afvallen. Door de medium korte vetzuren in
kokosvet worden de schildklieren aangezet tot productie van schildklierhormonen,
die de vetstofwisseling verhogen, waardoor de vetverbranding sneller gaat.
Resultaat: u verliest lichaamsvet.
Bovendien
verzadigen de middellange keten vetzuren uit kokosolie uw
hongergevoelens méér dan de langeketen vetzuren uit andere
oliën.
De middellangketenige
vetzuren (MCFA (Engels: medium chain fatty acids)) die
veel in kokosvet zitten, worden door het lichaam anders behandeld dan andere
vetzuursoorten, bijvoorbeeld langketenige vetzuren (LCFA (Engels, zie
Woordenlijst). Zij worden direct in de
bloedstroom opgenomen om energie te produceren. Dit geeft voordelen voor mensen
die om uiteenlopende redenen moeite hebben met het eten van
(veel) vet, omdat de MCT (Engels: medium chain
triglycerides, dit zijn de vetmoleculen die opgebouwd
zijn uit MCFA) uit kokosvet de lever en de gal
ontzien.
Het toepassingsgebied van kokosvet is
groot. Je kunt
-
er in bakken,
-
er smoothies mee maken,
-
het als vervanging voor
boter of andere smeersels gebruiken,
-
het los uit de hand eten,
-
het toevoegen aan hete chocolademelk of
-
het verwerken in koek en gebak.
Kokosvet is een erg
stabiel vet, omdat door de aanwezigheid van vooral verzadigde vetzuren - en de
relatieve afwezigheid van meervoudig onverzadigde vetzuren - , een lage
mate van oxidatie (het rans worden van vet) optreedt.
En
vrij belangrijk: het is nog lekker ook!!
Kokosvet kan tevens worden toegepast op de huid en in het
haar. In onderzoek naar de werking van verschillende soorten
olie komt kokosvet/kokosolie vaak als meest gunstige uit de
bus. Kokosvet werkt ontsmettend, kan gebruikt worden als
massageolie en doodt zelfs de bacteriën onder de oksels die
zweet produceren.
Kokosolie
is via Internet te bestellen. Kijk
bijvoorbeeld
eens op
de
kokosolie website
Kokos-olie.nl
Had ik al vermeld
dat hart- en vaatziekten bij de bevolking van PukaPuka en
Tokelau (Polynesië) zeer ongewoon zijn? Het dieet van deze
mensen bestaat voor het overgrote deel uit verzadigde vetten
uit kokosproducten...
Zie ook
studies 20 en 21
Bronnen:
www.coconut-info.com
www.kokos-olie.nl
"Understanding normal and
clinical nutrition", Whitney, E.N. et al, 6e editie 2002, Wadsworth, p. 142.
Ondersteunende studies: 20,
21, 25,
31, 32 (zie Studies)
Klik
hier
voor het artikel van dokter CS Dayrit uit 2000 (PDF,
218 kB)
Klik
hier voor het artikel van
JJ Kabara, PhD (PDF, 36
kB)
Klik
hier voor een kleine verzameling studies naar de
antibacteriële krachten van laurinezuur en monolaurine (Word, 57 kB, studies 1996-2006)